Januari 2021: OUDER

Lees hieronder de pertinente vragen die het thema oproept

Er staan twee mogelijke antwoorden uitgeschreven.

In het kort en in het lang.

Bevraagd

Wat is een ouder?  Stopt het ouderschap? Wie kan er ouder worden? Wat is de beste ouder? Kies je ervoor om ouder te worden? Wat betekent het om ouder te zijn? Wat mag een ouder? Wat moet een ouder? Bestaat de perfecte ouder?

December 2020: KIND

Lees hieronder de pertinente vragen die het thema oproept

Er staan twee mogelijke antwoorden uitgeschreven.

In het kort en in het lang.

Bevraagd

Wat is een kind? Wanneer ben je kind? Wie is kind? Kan je zelf kiezen om kind te zijn? Is elk kind gelijk? Waarom is iemand kind? Wat betekent het om kind te zijn? Wat mag een kind? Wat moet een kind?

Beknopt

De kerstvakantie loopt al een paar dagen. Traditioneel de periode waarin werknemers de laatste wettelijke vakantiedagen opnemen, waarin we kerst en Nieuwjaar vieren, maar zeker ook de welverdiende schoolvakantie. Leerkrachten en leerlingen hebben zich ervoor enkele maanden hard ingezet en met de corona mag dat zelfs dubbel geteld worden. Voor leerlingen uit het secundair onderwijs is het ook de periode na de examens. Waar menigeen heeft getoond hoe goed (of minder goed) ze in staat zijn om de geziene leerstof te reproduceren. Goede cijfers halen is altijd al het doel geweest van leerlingen, maar tegenwoordig komt daar nog een extra druk bij: de Europese rangschikkingen. Belgische leerlingen blijken steeds slechter te scoren op wiskunde blijkt recent. De lat moet dus omhoog. En dat terwijl er net zoveel focus is op STEM vakken. Net nu kunst en creativiteit nog minder plek krijgen in de eindtermen en nadat er vorig jaar al beslist werd dat het examen Nederlands niet meer verplicht is in te voeren. Het tegendeel wordt nu (deels) bewezen. Wie schrapt op de ‘zachte’ vakken, verliest ook op de exacte vakken. En waarom? Omdat leerlingen moeten passen in een nutsbeeld. Maximale opbrengst om zoveel mogelijk op te brengen in een samenleving die gefocust is op ‘steeds meer’ en dit alleen gerealiseerd ziet in technologie. Is het niet Sir Ken Robinson die in een TED-talk aanhaalt dat we niet eens weten wat de noden over vijf jaar zijn, laat staan over 50 (wanneer deze leerlingen ongeveer pensioengerechtigd zijn)?

Wat is het nut van educatie? Dienen leerlingen tot een nut?  Hoe verhoudt zich de vastberadenheid om leerlingen in een specifieke richting te duwen tot vrijheid? Kunnen scholen als een output voor de arbeidsmarkt dienen? En wat vinden leerlingen daar zelf van? (Volgens het Kinderrecht art. 12 moet er geluisterd worden naar de mening van een kind.)

Bedacht

Juf: Zullen jullie ooit vrij zijn?

Kinderen:

  • Als we nooit vrij zijn, is dat gemeen van onze ouders.
  • Maar we zijn niet vrij omdat we groot zijn.
  • Neen, papa is niet vrij omdat hij lang moet werken.
  • Maar om af en toe niet te moeten werken heb je vrij-dagen. Vrije dagen.
  • Door te werken verdien je geld en ben je vrij.

Bovenstaande conversatie werd gevoerd in een kleuterklas met zesjarigen. Dit fragment werd gefilmd nadat ze al twee jaren filosofie kregen. De rest van de gesprekken zijn terug te vinden in de documentaire ‘Ce n’est qu’un début/just a beginning‘, die te zien op Cinémember.

In het aangehaalde fragment zoeken ze antwoorden op de vraag ‘Wat is vrijheid?’. De juf begeleidt het gesprek en stelt bijkomende vragen.De kinderen antwoorden weloverwogen en tasten in groep af wat ‘vrijheid’ betekent. En ze ontdekken dat het niet zo eenvoudig is. Maar het proces dat ze doormaken is van groot belang. Ze leren nadenken, maar ook om te luisteren, beleefd een gesprek te voeren, hun mening herzien, …

Een beter voorbeeld om het belang van leren filosoferen aan te tonen dan deze film is er niet. Er zijn al veel artikels over geschreven, maar het meemaken, het zien gebeuren, is het beste bewijs. De vooruitgang die deze kleuters boeken op twee jaren is immens. Helaas gaat het, zoals wel vaker als het op filosofie in het onderwijs aankomt, over een proefproject. En ondanks de merkbare vooruitgang, zal het budget voor deze sessies teruggeschroefd worden. Er komt geen verdere opvolging voor deze kinderen.

In Vlaanderen staat filosofie niet eens standaard op het curriculum. Als ‘zachte’ wetenschap wordt ze niet als nuttig beschouwd. Daartoe dienen eerder de STEM vakken. Nochtans geen wetenschap zonder reflectie. Hoe kom je anders tot een hypothese? Dat is immers een denkoefening die het onderzoek vooraf gaat. Willen we goede wetenschappers, dan moeten we ook goede denkers hebben. Buiten het onderwijs zijn er wel veel kleinschalige initiatieven in Vlaanderen, maar daarvoor het loopt niet storm. Hier en daar kan er al eens een workshop filosoferen voor kinderen of jongeren gevolgd worden.

Maar wetenschapper in spe of niet, filosoof in wording of niet,  wie filosofisch kan redeneren ontwikkelt zich tot een kritische burger en zal zich op een betrokken manier tot de samenleving verhouden. Iets wat ons allemaal ten goede komt. Op die manier dragen we op een constructieve manier bij aan de maatschappij. Daarom dat intussen toch al enkele onderwijskoepels filosofie het toch op een of andere manier in hun lessenpakket verwerken.

Niet minder van belang is het kind zelf. Grote mensen kunnen wel veel willen van kinderen, dat ze nuttige dingen studeren staat daarbij bovenaan het lijstje, maar wat willen kinderen zelf? Misschien komt het paradoxaal over, maar grote mensen kunnen filosofie voor kinderen willen. Niet omdat het nut zou hebben, maar omdat het net tot de ontvoogding leidt. Als kinderen leren om zelf na te denken, dan hebben ze geen grote mensen nodig om het in hun plaats allemaal te beslissen, maar kunnen ze betrokken worden in het beslissingsproces en gehoord worden. Dan kunnen ze zelf meepraten over hun vrijheid, wat het betekent om een baas te hebben/zijn, wat er gebeurt als we doodgaan, …

Artikel 13 van de kinderrechten stelt: Kinderen mogen op allerlei manieren hun mening geven. Dit betekent ook dat kinderen informatie mogen verzamelen zodat ze hun mening kunnen vormen. De rechten van anderen moeten wel gerespecteerd worden. Schelden of iemand beledigen mag dus niet. Aspecten die zeker ook aan bod komen tijdens een sessie praktische filosofie. Hoe goed zou het dan niet zijn om hen ook aan te leren deze dialoog te kunnen voeren? Wanneer maken we er werk van?

November 2020: SAMENLEVEN

Lees hieronder de pertinente vragen die het thema oproept

Er staan twee mogelijke antwoorden uitgeschreven.

In het kort en in het lang.

Bevraagd

Hoe leef je samen op afstand? – Samenleven, doe je dat met iedereen? – Is een samenleving exclusief? – Wat is er buiten de samenleving? – Kan je buiten een samenleving staan? – Wie behoort tot een samenleving? – Wat maakt dat mensen samenleven? – Wat betekent samenleven?

Beknopt

Intussen zijn we twee weken ver in de tweede (semi) lockdown. Die werd ingezet door eerst nog met zo veel mogelijk mensen eens goed te gaan shoppen. In de gekende winkelstraten van ons land was het op de koppen lopen. Menig viroloog en biostatisticus konden alleen maar toekijken. ‘Gij zult shoppen’ is de mantra die bij onze huidige neoliberale samenleving hoort en dat is tijdens een pandemie niet anders. De shoppers werden meewarig bekeken vanop de sociale media waar foto’s van de winkelende massa gretig gedeeld werden. Ook de meningen hierover werden al even gretig gedeeld: het zijn domme mensen.

Mensen blijven blijkbaar graag in het normaal hangen. Aangezien shoppen normaal is, blijven we dat dus massaal doen. Hoe dom dat ook mag lijken. Lijken, want de mens is een denkend dier. Ook de shoppers beschikken over die capaciteit. Wat dachten ze dan? Welke afweging hebben ze gemaakt? Wat speelde allemaal mee in hun beoordeling?

Want dat is het tenslotte: ons denken stelt ons in staat om te oordelen. Als we zorgvuldig afwegen, als we onze (gedeelde) kennis overlopen, dan kunnen we feiten inschatten en ernaar handelen. Denken is hoe dan ook het vertrekpunt, want alleen zo kunnen we oordelen tussen goed en slecht.

Bedacht

Zijn alle mensen gelijk?

Recent stond er in De Standaard een artikel met als kop De crisis heeft me terug aan de haard gezet[1]. Het artikel gaat over een ongelijkheid tussen mannen en vrouwen die door de coronamaatregelen weer opleeft. Nochtans zijn in een samenleving alle mensen gelijk. De rechten van de mens gaan hier van uit, net zoals menige nationale grondwet. Het lijkt een vanzelfsprekendheid waar niemand iets tegenin brengt. Deze gelijkheid blijkt enkel op papier. In de praktijk is er net zeer veel ongelijkheid. Ongelijkheid die steeds betekent dat een deel van de samenleving haar succes kent door een ander deel te onderdrukken en/of uit te buiten. De coronapandemie brengt dit pijnlijk aan het licht, over de hele wereld. De ongelijkheid kent vele vormen, maar het ziet ernaar uit dat binnen elk van die vormen vrouwen aan het kortste eind trekken. Ook in het Westen, waar men ervan uitgaat dat vrouwen intussen toch al heel wat rechten verworven hebben. Het blijkt nu dat mythes rond vrouw-zijn hardnekkiger zijn dan de rechten doen uitschijnen. Nog steeds leven vrouwen naar die mythes die, in grote lijn, inhouden dat vrouwen de zorgtaken op zich nemen, omdat ze daar nu eenmaal van nature beter toe in staat zijn. Het zou deel zijn van hun vrouwelijke essentie. De Beauvoir schreef er met De Tweede Sekse een lijvig boek over. Het eerste deel van het boek gaat net over deze mythes. Maar De Beauvoir blijkt optimistisch. Het vrouwenstemrecht was vier jaar voor de verschijning van dit boek een feit en ze dacht dat de politieke verworven rechten zouden leiden tot de sociale en economische onafhankelijkheid van vrouwen. Groot was haar teleurstelling 20 jaren later, toen de mythes inderdaad iets hardnekkig bleken te hebben. De verhoopte vrijheid bleef uit. Vrouwen waren nog steeds de tweede sekse.

Tussen het verschijnen van De Tweede Sekse in 1948 en vandaag zijn er meer dan 70 jaren voorbij gegaan. Hoewel sindsdien steeds meer vrouwen gingen werken, blijft de economische onafhankelijkheid nog steeds uit. Vrouwen verdienen minder dan hun mannelijke evenknie en moeten bovendien nog steeds het gros van de zorgtaken op zich nemen. Ook nu nog wordt er geloof gehecht aan de mythe van de vrouw als een essentieel zorgend wezen. De coronacrisis en de maatregelen tonen dit aan. Men spreekt, tien maanden ver in de pandemie en volop in de tweede golf, van een roze recessie. Vrouwen blijven thuis om voor de kinderen te zorgen nu ook kinderopvang sluit, terwijl mannen gewoon verder werken.

“We’ve never seen this before,”, zegt Betsey Stevenson professor economie in de New York Times: “Recessions usually start by gutting the manufacturing and construction industries.”[2] Hier wordt duidelijk waarom het over het in stand houden gaat van de mythes. Bij een reguliere recessie is het de werkgever die beslissingen moet nemen, en die doet dat op basis van de kosten. Als mannen meer verdienen dan vrouwen, zullen het dan ook de mannen zijn die hun ontslag krijgen. Maar tijdens deze roze recessie wordt de beslissing over wie er thuisblijft, binnen het gezin genomen. Vrouwen verdienen minder en ze zijn beter in zorgtaken, ziedaar: de vrouw geeft haar werk op. Of ze zoekt niet meer naar ander werk, want als ze werkloos is, gaat haar tijd en energie naar die zorgtaken. Haar wederhelft hoeft niet meer in te springen bij die taken, want er is nu iemand thuis. De taken worden weer traditioneel verdeeld. ‘Ik heb het gevoel dat ik terug in de tijd ben gekatapulteerd,’ zegt Eva Marievoet in het artikel. Ze vreest voor haar professionele carrière.[3]

Maar is er wel sprake van terug katapulteren? Is er ooit iets veranderd? Zijn de mythes ooit weggeweest, nu blijkt dat buitenshuis werken niet tot gelijkheid tussen mannen en vrouwen geleid heeft? Het ziet er eerder naar uit dat de mythe van de vrouwelijke essentie terug is van nooit weggeweest. Het blind geloof in de bevrijding door buitenshuis werk, zorgde ervoor dat de samenleving het niet meer zag dat vrouwen nog steeds moeten beantwoorden aan de mythe. Maar buitenhuis werk, betaalde arbeid, is geen teken van emancipatie, maar meer van het hetzelfde: het idee dat succes afhangt van het niet-succes van de ander. Dus van onderdrukking in een samenleving. Zoals ook Ruud Welten schreef in het recent verschenen Wie is er Bang van Simone De Beauvoir?.[4]  Vrouwen zijn evengoed in deze val van onderdrukking getrapt. Het oude normaal kwam nooit ten einde, het werd slechts aangepast. Het werd normaal dat een vrouw naast haar zorgtaken ook nog eens buitenshuis ging werken, waarbij het werd afgedaan als het toppunt van emancipatie. “En zo ontstaat een nieuwe mythe, waar we vandaag in leven, van een neoliberale samenleving die zichzelf genderneutraal acht, maar stilzwijgend masculien blijft.”, schrijft Welten[5]. De roze recessie maakt dit alleen maar duidelijk. Nu iemand in deze crisis het moet ontgelden, is teruggrijpen naar de aloude mythes over de vrouw snel gebeurd. In een roze recessie hangt het succes van de man af van het niet-succes van de vrouw. De zorgtaak weer opnemen is een teken van niet-succes in het nieuwe normaal. Het verklaart waarom Marievoet zich terug aan de haard gezet voelt. Vrouwen hebben slechts succes geboekt in een neoliberaal systeem, maar ze hebben geen vooruitgang gemaakt als het op vrijheid aankomt.  De Beauvoir heeft het niet over succes of verdienste, ze heeft het over vrijheid. Een samenleving kan volgens haar alleen maar vrij zijn als er geen sprake meer is van onderdrukking. Het ziet er dan naar uit dat er nog een lange weg te gaan is. Als vrouwen nu al eens beginnen met de mythe zelf te doorbreken? Neen zeggen is de eerste vorm van vrijheid. Neen tegen het individueel opnemen van de zorgtaken. Uit het verlies van werk volgt immers niet noodzakelijk het opnemen van een oud rollenpatroon. Coronaverlof is niet noodzakelijk weggelegd voor de ouder met het laagste inkomen. Neen zeggen is een eerste stap. Neen, ik wil dit niet, ik wil vrij zijn.

[1] Karsten Lemmens, “’Deze crisis heeft me terug aan de haard gezet’,”in De Standaard, red. Karel Verhoeven (Brussel: Mediahuis, 2020), 38.

[2] Patricia Cohen, “Recession with a Difference: Women Face Special Burden,” in The New York Times, red. Dean Baquet (New York: 2020), A1.

[3]Karsten Lemmens, “’Deze crisis heeft me terug aan de haard gezet’,”, 38.

[4] Ruud Welten, Wie is er Bang voor Simone De Beauvoir: over Feminisme, Existentialisme, God, Liefde en Seks (Amsterdam: Boom, 2020), 190.

[5] Ruud Welten, Wie is er Bang voor…, 167.

CONTACT

De Horizon

Kim Bertoe
Dagerdaadstraat 63
2800 Mechelen

+32 472 11 28 72
dehorizon@proximus.be

Ondernemingsnr. BE0521.834.462

Praktijk

BRANDWERK
Dageraadstraat 4
2800 Mechelen

googlemaps